Verandering van de fiscaliteit op bedrijfsvoertuigen in Luxemburg vanaf 1/01/0217

17 01 2017

Sinds 1/01/2017 is de fiscaliteit voor bedrijfsvoertuigen in Luxemburg gewijzigd. Het gaat om twee nieuwe maatregelen: een koppeling van de voordelen alle aard aan de CO2-uitstoot van de wagen, en een nieuwe aftrekbaarheid voor elektrische voertuigen.

 

Voordelen alle aard

Alle voertuigen ingeschreven in 2017 vallen onder de nieuwe regel voor de berekening VAA. De VAA wordt berekend als een percentage op de waarde van het voertuig. Onder de nieuwe regelgeving varieert het percentage naargelang de CO2-uitstoot van de wagen:

 

Niet Diesel voertuigen Diesel voertuigen Elektrisch
0g/km 0.5 % 0.5 % 0.5 %
>0-50/km 0.8 % 1.0 %
>50-110g/km 1.0 % 1.2 %
>110-150g/km 1.3 % 1.5 %
>150g/km 1.7 % 1.8 %

 

Voor voertuigen ingeschreven vóór 2017 verandert er niets. Hiervoor geldt nog altijd een vast maandelijks bedrag van 1.5% op de waarde van het voertuig, ongeacht de CO2-uitstoot.

 

Extra aftrekbaarheid voor elektrische wagens

Vanaf 1/01/2017 genieten elektrische voertuigen in Luxemburg een fiscale aftrek van €5000.

Advertenties




Werkgevers betalen meer voor bedrijfswagens met tankkaart

11 01 2017

Werkgevers zullen in 2017 meer moeten betalen voor het ter beschikking stellen van een bedrijfswagen aan hun werknemer die ook een tankkaart omvat. De verhoging van het werkgeversgedeelte van het voordeel van alle aard stijgt in dit geval van 17% naar 40%.

Link met de tankkaart

De tankkaart wordt vandaag geacht begrepen te zijn in het voordeel van alle aard en leidt niet tot een hoger belastbaar voordeel. Indien de werkgever de brandstofkosten voor zijn rekening neemt, wordt volgens de nieuwe maatregel de huidige bijdrage van 17 % verhoogd naar 40%. De fiscus gebruikt niet specifiek het woord tankkaarten maar spreekt van brandstofkosten. Dit betekent dat indien een werknemer geen tankkaart ontvangt maar de kosten laat terugbetalen via onkostennota’s, de bijdrage van 40% ook zal gelden. De 40%-regel zal ook gelden indien de vennootschap slechts een deel van de brandstofkosten voor haar rekening neemt, dus vanaf de eerste eurocent. Werkgevers die in het kader van een salary sacrifice systeem, populair bij o.a. banken, aan hun werknemers een voertuig zonder brandstofkaart ter beschikking stellen, zullen niet getroffen worden en blijven onderworpen aan de 17%-regel.

Geen verrekening van de werknemersbijdragen

Bepaalde situaties worden dubbel getroffen door een tweede aanpassing van de huidige principes. Tot vandaag konden bij de berekening van de huidige 17% vennootschapsheffing de eigen bijdragen van de werknemer verrekend worden. Dit had tot gevolg dat in bepaalde gevallen het voordeel tot nul werd herleid en er dus geen vennootschapsheffing diende te worden betaald op het voordeel. In de nieuwe regeling is deze verrekening van de eigen bijdrage niet meer toegestaan. De 17% (of 40%) bijdrage moet voortaan berekend worden op het volledige voordeel van alle aard dus zonder rekening te houden met een eventuele bijdrage van de werknemer of bedrijfsleider. In deze specifieke gevallen zal de heffing voor de werkgever dus fors stijgen van 0% naar 40%. Dit betekent dat het systeem van eigen bijdrage dat vaak bij bepaalde firma’s wordt gebruikt om zo duurdere wagens te kunnen aanbieden fiscaal minder aantrekkelijk wordt.

Wie is onderworpen ?

De voornoemde nieuwe regeling is vanaf 1 januari 2017 zowel van toepassing op werkgevers die aan de vennootschapsbelasting onderworpen zijn als op werkgevers die aan de rechtspersonenbelasting onderworpen zijn. Pittig detail vormt het feit dat deze bijdrage niet kan verrekend worden met eventuele overdraagbare verliezen in de vennootschap en dus in elk geval zal moeten betaald worden.