Wet plug-in hybride voertuigen goedgekeurd. | België

10 01 2018

In het Staatsblad van vrijdag 29 december 2017 verscheen de nieuwe fiscale regeling die de aftrekbaarheid regelt van voertuigen voor de periode vanaf 2018 tot 2020 en later. Deze regeling werd op vrijdag 22 december 2017 door het Belgisch federaal Parlement goedgekeurd (Kamer) Voor plug-in hybride voertuigen werden nog last minute aanpassing doorgevoerd.

In de diverse versies van de ontwerpteksten was voorheen te lezen dat de batterij over een energiecapaciteit heeft van minstens 0,6 kWh per 100 kg wagengewicht diende te beschikken. Dit had echter tot gevolg dat slechts een handvol modellen beantwoordden aan de nieuwe fiscale norm. Alle andere voertuigen zouden vanaf 2020 fors zwaarder belast worden. Daarom heeft de regering in laatste urgentie onder druk van de autosector de fiscale norm voor plug-in hybrides verder versoepeld.

Volgens de goedgekeurde tekst verschenen is het Staatsblad van 29 december volstaat het nu dat de batterij een capaciteit heeft van 0,5 kWh per 100 kg wagengewicht. Tegelijk werd de fiscale norm voor “fake” plug-hybrides verstrengd. Een voertuig met een officiële CO2-uitstoot van meer dan 50 gram per km wordt voortaan fiscaal altijd beschouwd als een ‘valse plug-in hybride’, dus ook met een voldoende grote batterij. Maar toch verhoogt door de nieuwe aanpassing  het aanbod aan ‘echte’ stekkerhybrides.

In de goedgekeurde wettekst blijft wel vermeld dat de minimale energiecapaciteit nog verhoogd kan worden tot 2,1 kWh  via een eenvoudig Koninklijk Besluit. Die mogelijkheid treedt weliswaar pas op 1 januari 2020 in werking maar het is dus geen garantie dat een plug-in hybride die bijv. in januari 2018 werd aangekocht in 2020 nog aan de fiscale norm zal voldoen indien deze door een toekomstige regering in 2020 wordt aangepast.

De wettekst definieert verder een ‘valse hybride’ als een “oplaadbaar hybridevoertuig dat uitgerust is met een elektrische batterij die een energiecapaciteit heeft van minder dan 0,5 kWh per 100 kilogram van het wagengewicht of een uitstoot heeft van meer dan 50 gram CO2 per kilometer’’ (nieuw lid 9 in art. 36 § 2 en art. 66 § 1 lid 3 WIB 92).

Bron: Mobilitas

Advertenties




Minimum voordeel van alle aard bedrijfswagens stijgt tot €1.310 | België

2 01 2018

Eerder werd de referentie CO2 uitstoot 2018 voor diesel en benzine wagens al bekend gemaakt respectievelijk 86 gr/km en 105 gr/km.

Wanneer een werkgever een bedrijfswagen ter beschikking stelt aan haar werknemer waarmee ook privé verplaatsingen mogen worden gedaan kan het Voordeel van Alle Aard in 2018 nooit lager zijn dan 1.310 Euro. In 2017 was dit nog 1.280 Euro.





Referentie uitstoot Benzine wagens ongewijzigd in 2018 | Belgie

21 12 2017

Bestuurders van bedrijfswagen met dieselmotor zullen vanaf 1 januari 2018 rekening moeten houden met een lichte stijging van het voordeel van alle aard van ongeveer 1%. De nieuwe referentie-CO2-uitstoot voor dieselvoertuigen daalt van 87 gr/km naar 86 gr/km en blijft ongewijzigd op 105 gr/km voor benzinevoertuigen. De cijfers werden nog niet in het Staatsblad gepubliceerd.

Aan de basisformule werden geen wijzigingen aangebracht. Indien er een stijging is heeft dit ook zijn impact op het patronale gedeelte van het voordeel dat verrekend wordt in de vennootschapsbelasting en dat vandaag 17% of 40% bedraagt van het belast voordeel afhankelijk of de werkgever al dan niet een tankkaart voorziet.

Hierna een overzicht van de referentie-CO2-uitstoten over de afgelopen jaren:

  Diesel Benzine, LPG en aardgas
2012 95 gr./km. 115 gr./km.
2013 95 gr./km. 116 gr./km.
2014 93 gr./km. 112 gr./km
2015 91 gr./km 110 gr./km
2016 89 gr./km 107 gr./km
2017 87 gr./km 105 gr./km
2018 86 gr./km 105 gr./km

 Minimum voordeel voor 2018 nog niet bekend.

Bron: Mobilitas





XPOfleet Fiscal Tools berekent alle Belgische belastingen, parameters en inhoudingen

16 11 2017

Gebruikt u de auto professioneel, privé of gecombineerd? Schrijft u ze in op eigen naam of die van de lease maatschappij in Vlaanderen, Wallonië of het Brussels Gewest?

XPOfleet Fiscal tool berekent onmiddellijk de fiscale aftrekbaarheid, CO2 taks, BIV, Wegenbelasting, Voordeel van alle aard en verworpen uitgaven.

XPOfleet Fiscal Tools is de nieuwe app van XPOfleet die op eenvoudige wijze duidelijkheid brengt in alle Belgische Belastingen en inhoudingen die gekoppeld aan iedere auto.

Gratis in Google Play en Apple Store.

 

 





Raad van State negatief over Cash for car | België

16 11 2017

Raad van State haar juridisch advies uitbracht over het wetsvoorstel betreffende Cash for Car. De Raad van State twijfelt eraan of de omruiling van een voertuig in een netto loonbedrag fiscaal en sociaal technisch zomaar mogelijk is en niet ingaat tegen bepaalde regels van de loonbeschermingswet. Het betreft immers loonmassa die in principe op dezelfde manier belastbaar is als een gewoon loon. In de huidige regeling die door de federale regering werd voorgesteld is voorzien dat werknemers die hun auto wensen om te ruilen voor cash op de tegenwaarde bijna eenzelfde belasting zouden moeten betalen als op het oorspronkelijke voordeel van alle aard voor hun ingeleverde bedrijfswagen. De Raad van State twijfelt of dit wel mogelijk is.

Bovenop meldt de Raad van State in haar advies dat er mogelijks sprake kan zijn van discriminatie tussen werknemersgroepen, meer concreet dat er in de huidige voorgestelde regeling een ongelijke fiscale en sociale behandeling bestaat tussen werknemers met en zonder een bedrijfswagen. De regeling is bovendien vrijblijvend zowel vanuit de werkgever als de werknemer en houdt geen enkele garantie in dat er wordt overgestapt naar een milieuvriendelijker vervoersmiddel. De overstap naar een oudere meer vervuilende privé-wagen behoort tot de mogelijkheden maar ook de besteding van het cash budget aan niet vervoersgebondendiensten.

De vraag stelt zich nu of de door de regering voorgestelde formule nog tegen 1 januari 2018 wordt ingevoerd.  De federale regering is niet gebonden door het advies van de Raad van State maar het risico dat gediscrimineerde personen of bepaalde organisaties naar het Grondwettelijk Hof stappen om te huidige regeling aan te vechten is hoog. Er dreigen dan heel wat juridische procedures. In bepaalde politieke middens is te horen dat de huidige regeling zou moeten worden aangepast en er een breder overleg moet worden opgestart met de sociale partners met meer nadruk op de omruiling naar andere mobiliteitsformules. Wordt vervolgd.

Bron: Mobilitas





Fiscale aftrekbaarheid bedrijfswagens 2018-2020 | België

6 11 2017

Voor de aangepaste fiscale aftrekbaarheid geldt een overgangsperiode van twee jaar. De huidige regels blijven voorlopig tot 2020 bestaan.

In deze overgangsperiode  tussen 2018 en 2020 zullen eenmanszaken (die belast worden in de personenbelasting) kunnen genieten van een nieuwe fiscale stimulans om voor een milieuvriendelijk voertuig te kiezen. Tot op vandaag kunnen zij de beroepsmatige autokosten voor 75 % fiscaal in mindering brengen ongeacht de CO2-uitstoot. Vanaf volgend jaar kunnen deze zelfstandigen – als dat voordeliger zou zijn – kiezen voor de variabele aftrekregeling in functie van de CO2-uitstoot zoals die geldt voor vennootschappen. De aftrek voor eenmanszaken blijft wel minimaal 75%  zelfs voor de voertuig met zeer hoge CO2-uitstoot.

Vanaf 2020 zal volgens de huidige ontwerptekst zowel voor zelfstandigen als voor vennootschappen een nieuwe formule in functie van de CO2-uitstoot gelden. Deze wordt als volgt berekend:

120 % – (0,5% x brandstofcoëfficiënt x aantal gram CO2 per kilometer)

De brandstofcoëfficiënt bedraagt 1 voor diesel (en hybrides varianten), 0,95 voor benzine (en hybride varianten)  en 0,9 voor auto’s op CNG met maximaal 11 fiscale pk. Het percentage van aftrekbaarheid zal in principe worden vastgelegd op minimaal 50 % en maximaal 100 %.

Hierdoor vervalt vanaf 2020 de verhoogde aftrekbaarheid van 120 % voor 100% elektrische voertuigen. Voor een dieselvoertuig van 115 gram betekent dit een fiscale aftrekbaarheid van 62,5%. in 2020. Voor voertuigen met een CO2-uitstoot van minimaal 200 gram/km zal de aftrek verder beperkt worden tot 40 %.

Voor plug-hybrides zal de gebruikte CO2-uitstoot afhangen van de energiecapaciteit van de batterij. Enkel indien deze minimaal 0,6 kWh  per 100 kilogram van het autogewicht bedraagt zal de CO2 van de hybride versie worden gebruikt. Is de energiecapaciteit lager dan wordt het voordeel alle aard berekend op basis van “de niet-hybride tegenhanger van hetzelfde model”. Wat daaronder juist moet verstaan worden en welk model dan wordt bedoeld is voorlopig nog onduidelijk. Is de CO2-uitstoot niet bekend dan wordt de waarde van de hybride vermenigvuldigd met 2,5.

De vraag stelt zich of de fiscus in 2020 nog steeds de NEDC-testmethode voor brandstofverbruik en uitstoot als fiscale basis zal gebruiken of zal omschakelen naar de nieuwe WLPT testmethode eventueel met een bepaalde omrekeningscoëfficiënt.

Bron: Mobilitas





Fiscale Evolutie in het Belgische fietslandschap

29 10 2017

NIEUWSBRIEF – MOBILITEIT

https://gallery.mailchimp.com/7a858463acae8eed169eff40a/images/be55b01c-0855-4ae5-a0dc-ca7b75dca19a.png

Fietsvergoeding voor eigen fiets & aftrek kosten

Fietst u met een eigen privé-fiets naar het werk dan hebt u recht vanaf 1 januari 2017 op een belastingvrije fietsvergoeding van 0,23 euro per gereden kilometer woon-werkverkeer. Bovenop mag u in uw aangifte 0,23 euro per kilometer in aftrek brengen maar enkel als u de werkelijke kosten bewijst.

Bedrijfsfiets of leasingfiets

Ontvangt u van uw werkgever een bedrijfs- of leasingfiets dan wordt er geen voordeel van alle aard aangerekend voor het privégebruik. Er is daarom ook nooit sprake van een bedrijfsvoorheffing. Bovenop mag de werkgever nog een belastingvrije fietsvergoeding uitbetalen van 0,23 euro per gereden kilometer woon-werkverkeer. U kan dus als werknemer genieten van de cumul van de twee belastingvrije stelsels. Als de bedrijfsfiets nooit voor woon-werkverkeer wordt gebruikt, wordt die wel als belastbaar voordeel beschouwd. Het voordeel wordt dan berekend op basis van de werkelijke waarde.

Opgelet! Indien de werkgever een mountainbike of racefiets ter beschikking stelt, beschouwt de fiscus dit voordeel als een loon. Dit standpunt van de minister van financiën wordt echter betwist en is niet in de wetgeving terug te vinden. Woon-werkverkeer kan immers ook over bospaden en ‘fietsostrades’ lopen. De vrijstelling van de fietsvergoeding  is volgens de minister dan weer wel van toepassing voor mountainbikes of racefietsen.

Bedrijfsfiets en RSZ

Indien de bedrijfsfiets ook voor zuivere privé-verplaatsingen gebruikt wordt zijn de gewone RSZ-bijdrage van werknemer en werkgever verschuldigd op dat privé-gedeelte. Woon-werkverkeer wordt hier niet als privégebruik beschouwd. De basis van de bijdrage is de reële waarde (de winkelprijs voor dat model fiets). Op die prijsbasis wordt het zuiver privé-gedeelte berekend. Dit is in principe voor iedere werknemer verschillend. Men kan wel met de RSZ hierover afspraken maken voor een gelijkvormig percentage dat voor alle werknemers van toepassing is, bijv. 30% privégebruik. De politiek is er nog niet in geslaagd om dit laatste element aan te passen.

Aftrek fietskosten en investeringen bij de werkgever

Zuivere fietskosten

Aankoop of financiële leasing

Een werkgever mag de kosten aankoopkosten of kosten van een financiële leasing (on balance) van een bedrijfsfiets die hij aan werknemer ter beschikking stelt aftrekken tegen 120%. Dit geldt ook voor de onderhoudskosten. De bedrijfsfiets wordt lineair afgeschreven over een minimumperiode van ten minste drie jaar.

Operationele leasing

De fietskosten verbonden aan een operationele leasing (off balance) zijn slechts aftrekbaar tegen 100% omdat hier geen afschrijvingen mogelijk zijn.

Toebehoren en fietsinstallaties

Volgende kosten zijn voor 120% aftrekbaar:

  • toebehoren (zoals een fietshelm). Onder fietstoebehoren verstaat men de gebruikelijke (met de fiets verbonden) voorwerpen die wenselijk of noodzakelijk zijn om de verplaatsingen tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling mogelijk te maken. Voorbeelden: fietspomp, bel, fietslicht, reflectoren, gereedschapskist voor kleine herstellingen, fietstas, accu, lader van een elektrische fiets, … Gewone, sportieve of beschermende kledij van de fietser vallen buiten deze categorie en komen dus niet in aanmerking voor de fiscale aftrek van 120% maar wel voor 100%.
  • de fietsenstalling zelf: kosten van aankoop, bouwen of verbouwen van een onroerend goed om een fietsenstalling te installeren.
  • kosten voor fietslaadpunten
  • de kleedruimte of sanitaire voorzieningen: kosten van aankoop, bouwen of verbouwen van een onroerend goed om een kleedruimte of sanitair (al dan niet met douches) te installeren.

Opgelet! Huurkosten voor fietsinstallaties komen niet in aanmerking voor de verhoogde aftrek van 120%.

Elektrische fietsen

Alle voorheen genoemde fiscale voordelen zijn logischerwijze ook van toepassing voor elektrische fietsen inclusief de verhoogde aftrek van 120%  De speedpedelecs vormden tot voor kort hierop een uitzondering. Deze snelle elektrische fietsen halen een snelheid van 45km/h en sinds 1 oktober 2016 worden zij in de verkeerscode gelijkgesteld met bromfietsen (KB van 21 juli 2016).

Speedpedelecs

De Kamercommissie Financiën keurde onlangs een wetsontwerp* goed dat speedpedelecs fiscaal gelijkstelt met klassieke en gewone elektrische fietsen. Werknemers die met een dergelijke snelle elektrische fiets naar het werk pendelen zullen dus ook recht hebben op een fiscaal vrijgestelde vergoeding van maximaal 0,23 euro per kilometer. Wie een ‘bedrijfs-speedpedelec’ van zijn werkgever ter beschikking krijgt en daarmee zijn woon-werktraject aflegt, zal hierop niet langer een belastbaar voordeel aangerekend krijgen. Er is dan ook geen sprake meer van een bedrijfs-voorheffing. De kosten van speedpedelecs zijn ook voor 120% aftrekbaar onder de voorwaarden van gewone fietsen. Werknemers die ervoor kiezen hun werkelijke beroepskosten te bewijzen, kunnen voortaan ook 0,23 euro aftrekken voor elke kilometer woon-werkverkeer die afgelegd werd met een snelle elektrische fiets. De fiscale wijzingen voor speedpedelecs treden retroactief in werking. Ze gelden vanaf het aanslagjaar 2018 dus vanaf 1 januari 2017.

*wetsontwerp van 2 augustus 2017 houdende diverse fiscale bepalingen I, goedgekeurd in de Kamer op 5 oktober 2017.

Opgelet! de nieuwe bepaling betreft enkel de gelijkschakeling op het vlak van de fiscale voordelen met de klassieke fiets De wegcode onderscheidt nog steeds verschillende rechten en verplichtingen naargelang het type (elektrische) fiets dat wordt gebruikt.

Combinatie bedrijfsfiets met bedrijfswagen

De combinatie van een bedrijfswagen met een bedrijfsfiets is fiscaal perfect mogelijk en verhoogt niet het voordeel van alle aard van het totaal pakket. Wie kiest voor een kleinere bedrijfswagen en een bedrijfsfiets binnen hetzelfde budget zal mogelijks een lager voordeel van alle aard betalen. Verschillende leasingmaatschappijen bieden deze combinatie reeds aan binnen een budget van 30,00 tot 150,00 euro per maand voor het fietsbudget.

Cafetariaplan en bedrijfsfiets

Via een cafetariaplan kan men op een voor de werkgever budget neutrale manier een bedrijfsfiets ter beschikking stellen in ruil voor een “salary sacrifice”. Sociale secretariaten voorzien hiervoor specifieke berekeningstools en advies.

Bedrijfsfiets en BTW

De BTW aftrek dient beperkt te worden tot het gedeelte “echt beroepsgebruik”. Hieronder vallen dus enkel de professionele verplaatsingen naar klanten. Het woon-werkverkeer met de bedrijfsfiets wordt voor de BTW niet beschouwd als privégebruik.

Wetgeving elektrische fietsen

De nieuwe verkeerswetgeving maakt het onderscheid tussen drie types fietsen met aandrijving:

  • Pedelec : deze fiets met hulpmotor geeft enkel ondersteuning als je zelfmeetrapt en dat tot 25 km/u aan een maximaal vermogen van 250 watt. Sneller mag, maar zonder elektrische ondersteuning. Een pedelec geldt als een gewone (elektrische) fiets dus zonder verzekeringsplicht BA en inschrijving en geniet van alle fiscale fietsvoordelen.
  • Speed pedelec : een speed pedelec (high speed electric bike) is een pedelec die elektrische ondersteuning biedt tot 45 km/u bij een vermogen tussen 250 watt en 4kW. Sinds 1 oktober 2016 behoren speedpedelecs tot de nieuwe bromfietsklasse P (“P” van Pedelec). Hiervoor geldt de verkeerwetgeving voor bromfietsen. Een rijbewijs, helm conform EN1078, inschrijving bij de DIV en nummerplaat zijn verplicht maar voorlopig geen verzekering BA. Fiscale fietsvoordelen gelden ook voor speedpedelecs.

Tekst: Michel Willems
Copyright  MOBILITAS