XPOfleet Management Day | 25 september 2018

16 08 2018

’t is zo ver. De uitnodigingen voor de XPOfleet Management Day 2018 op 25 september a.s. in Kinepolis Antwerpen zijn de deur uit. 

Partners en exposanten dit jaar zijn Intersticker, Ford Motor Company, Fietsen Wildiers, Carglass, Jesco, TomTom Telematics en mediapartner Link2Fleet.

Een hele dag gevuld met Wagenparkbeheer, mobiliteit en heel veel XPOfleet. De XFMD is een kwalitatief kennis evenement met klantenervaringen, veel kennisdeling en XPOfleettrainingen. Het hele XPOfleet team is aanwezig om al uw vragen te beantwoorden. Maar ook een groot aantal professionele wagenparkbeheerders en mobilitymanagers – ervaren XPOfleetgebruikers – zijn al ingeschreven en zullen acte de présence geven. Deel uw kennis en ervaring uit de eerste hand.

Zoals u van ons gewend bent is het evenement exclusief toegankelijk voor XPOfleet klanten en fleetowners met een vloot van ten minste 100 voertuigen. Bent u nog niet ingeschreven, ga dan snel naar XPOfleet.com/xfmd. Hebt U nog geen uitnodiging ontvangen? Stuur een mailtje naar xfmd@XPOfleet.com

 

XPOfleet Management Day 2018

Advertenties




Fiscal Tools ondersteunt nieuwe wetgeving van 1 juli 2018

3 08 2018

XPOfleet Fiscal Tools is een 100% gratis app voor Android en Apple iOS die wordt gebruikt van om alle Belgische fiscale belastingen en toeslagen te berekenen die relevant zijn voor auto’s. Of het nu gaat om de BIV, Wegenbelasting, voordeel van alle aard,….. en dit ongeacht of het voertuig wordt ingeschreven in Vlaanderen, Brussel of Wallonië.

Traditioneel veranderen op 1 juli van ieder jaar een aantal coëfficiënten voor belastingen die door de Vlaamse gemeenschap worden geint zoals wegenbelasting en de BIV. Vandaag is een nieuwe versie van XPOfleet Fiscal Tools uitgekomen die deze nieuwe regelgeving automatisch ondersteunt.

 





Startschot voor mobiliteitsbudget | België

31 07 2018

Ministerraad geeft officieel startschot voor het Mobiliteitsbudget.

Het recente goedgekeurde zomerakkoord van de regering Michel 1 omvat ook een onderdeel met betrekking tot de invoering van het mobiliteitsbudget. Hierdoor is een langlopend wetsontwerp opnieuw op de parlementaire agenda geplaatst. Het is de bedoeling dat dit mobiliteitsbudget in het najaar van 2018 kan van start gaan. De klassieke parlementaire weg moet wel nog doorlopen worden zodat amendenten en dus beperkte wijzigingen op het huidige wetsvoorstel nog mogelijk zijn. Rekeninghoudend met mogelijke vertragingen zou de uiterste startdatum toch 1 januari 2019 moeten zijn. Voor alle duidelijkheid het “mobiliteitsbudget” is een bijkomende regeling naast de “mobiliteitsvergoeding” beter bekend als “cash for car”. Deze laatste regeling werd reeds door het federaal parlement op 15 maart 2018 goedgekeurd (Staatsblad van 7 mei 2018). Tot op vandaag is de interesse hiervoor zeer beperkt.

Principe van mobiliteitsbudget

Een werknemer met een bedrijfswagen of wie hiervoor in aanmerking komt, ontvangt jaarlijks een mobiliteitsbudget. Dit budget stemt overeen met de totale kost van de bedrijfswagen. Werknemers kunnen hiermee hun bestaande bedrijfswagen inruilen voor een milieuvriendelijke versie, een elektrisch model of een voertuig waarvan de CO2 uitstoot maximaal 95 gr bedraagt met een lage emissienorm. Dit wordt wel een hele uitdaging indien de norm van 95 gram dient gehaald te worden op basis van de CO2-uitstoot vastgesteld volgens de NEDC 2.0 norm voor voertuigen die volgens de nieuwe WLTP-norm werden getest. Mogelijks zal de Belgische autolobby hierop nog amendementen via parlementsleden laten indienen.

Met het niet gebruikte budget kan de werknemer alternatieve en duurzame vervoersmiddelen aankopen zoals een abonnement op het openbaar vervoer, fiets, deelauto, werkbus, taxi en ook huisvestingskosten als de werknemer verhuist dichter bij het werk. Hierop geldt een gunstig fiscaal regime. Het restsaldo wordt uitbetaald. Hierop is enkel een speciale voordelige RSZ-bijdrage van 38,07% samen te betalen door werkgever en werknemer.

Invoering van het mobiliteitsbudget

Gelijklopend met de mobiliteitsvergoeding (cash for cars) kan de werkgever al dan niet zelf beslissen om het mobiliteitsbudget in te voeren. De werknemer is ook niet verplicht om voor een mobiliteitsbudget te kiezen. In de huidige versie van het wetsontwerp kan de werknemer kiezen voor een kleiner en zuiniger model zonder bijkomend te moeten kiezen voor duurzaam alternatief vervoer en het volledige saldo laten uitbetalen tegen een voordelig RSZ-tarief.

Voorwaarden om in aanmerking te komen

– werknemer

De werknemer moet aan een dubbele voorwaarde voldoen. Hij kan slechts een aanvraag voor de mobiliteitsbudget indienen indien hij :

– in de loop van 36 maanden voorafgaand aan de aanvraag minstens 12 maanden over een bedrijfswagen (heeft) beschikt bij de huidige werkgever; EN

– op het moment van de aanvraag minstens 3 maanden ononderbroken over een bedrijfswagen (heeft) beschikt bij de huidige werkgever;

– de periode van 36 maanden geldt niet wanneer de werknemer in dienst is van een startende werkgever.

– werkgever

Een werkgever kan een mobiliteitsbudget maar invoeren indien hij gedurende een ononderbroken periode van 36 maanden onmiddellijk voorafgaand aan de invoering van de mobiliteitsvergoeding één of meerdere bedrijfswagens ter beschikking stelde aan één of meerdere werknemers. Voor startende werkgevers die minder dan 36 maanden actief zijn gelden uitzonderingen.

Fiscaliteit van het mobiliteitsbudget

– werknemer

Deze hangt af van de manier waarop het mobiliteitsbudget wordt ingevuld en wordt in verschillende trappen of pijlers berekend :

  • Pijler 1 : voordeel van alle aard op de (kleinere) bedrijfswagen : deze wordt berekend van de klassieke formule (zie hoofdstuk1, punt 1) rekening houdend met leeftijd en de CO2-uitstoot. Het voordeel van alle aard (VAA) zal dus dalen indien men rijdt met een groenere versie.
  • Pijler 2 : de belasting op duurzame transportmiddelen : het deel dat de werknemer spendeert voor duurzame transportmiddelen zoals een elektrische fiets of een treinabonnement wordt voor de werknemer fiscaal volledig vrijgesteld om het gebruik maximaal te ondersteunen. Er zijn geen RSZ-bijdragen verschuldigd;
  • Pijler 3 : de belasting op de overblijvende jaarlijkse cash-uitbetaling : op dit bedrag is de werknemer een RSZ-bijdrage van 13,07% verschuldigd.

 

– werkgever

 

  • Pijler 1 : de belasting op de firmawagen : de CO2-solidariteitsbijdragen en de verworpen kosten op het voordeel van alle aard zijn zoals bij de klassieke bedrijfswagen ten laste van de werkgever. Door de keuze van een groener model zullen deze belastingen dalen.
  • Pijler 2 : de belasting op duurzame transportmiddelen : deze zijn voor de werkgever vrijgesteld van belastingen en RSZ-bijdragen;
  • Pijler 3 : de overblijvende jaarlijkse cash-uitbetaling : op dit bedrag is de werkgever een speciale

     bijdrage van 25% verschuldigd.

 

Nieuwe mogelijkheden voor mobility as a service

Het mobiliteitsbudget biedt zeker een nieuwe impuls voor tech aanbieders die verschillende transport modi in één enkele App aanbieden zoals Modalizy, Olympus & Ximmo. De invoering van het mobiliteitsbudget betekent concreet dat klassieke autoleasingbedrijven vanaf nu ook daadwerkelijk een multimobiliteitsaanbod zullen moeten aanbieden aan hun traditionele klanten. Hetzelfde geldt ook voor de autoconstructeurs die zich steeds meer als mobiliteitsproviders zullen moeten heruitvinden.

Voorbeelden

 

Bron: Mobilitas





Minister van Financiën Van Overtveldt bevestigt fiscale toepassing NEDC 2.0 uitstootwaarde tot 2020.

28 05 2018

 

Midden mei 2018 heeft de Belgische autolobby een dringende boodschap aan federaal minister van Financiën Johan Van Overtveldt en zijn regionale collega’s van financiën verzonden. In deze brief werd hem gevraagd om op korte termijn dringend duidelijkheid  te verschaffen met betrekking tot de mogelijke verhoging van de Belgische autotaxatie naar aanleiding van de nieuwe WLTP testprocedure (Worldwide harmonized Light vehicles Test Procedure). De minister antwoordde op de brief in een eerste reactie dat in de overgangsfase en zeker tot 2020 men met de NEDC waarden zal rekening houden en niet met de hogere WLTP waarde. Dit vraagt wel enige fiscaal technische verduidelijking.

 

Sinds 1 september 2017 worden namelijk de verbruiksnormen van nieuw gehomologeerde modellen vastgelegd volgens de nieuwe WLTP testmethode. Met uitzondering van een aantal stockmodellen moeten bovendien ALLE nieuwe en voor de eerste keer ingeschreven voertuigen vanaf 1 september 2018 verbruikswaarden kunnen voorleggen getest volgens de WLTP methode. Uit diverse steekproeven blijkt dat deze CO2-verbruikswaarden gemiddeld 20 tot 30% hoger kunnen zijn dan de oude NEDC CO2-verbruikswaarden ook NEDC 1.0 genoemd. Hierdoor dreigt vandaag een belangrijke verhoging van de fiscaliteit van de bedrijfswagens. Om dit tegen te gaan werd op Europees niveau beslist om naast de WLTP waarde in elk geval tot einde 2020 voor elk voertuig een tweede waarde mede te delen onder de naam NEDC.2.0 of ‘correlated’ NEDC. Deze laatste heeft de bedoeling om vanuit de WLTP verbruikswaarde via een terugrekenmethode een tweede kunstmatige CO2-uitstootwaarde te berekenen die kan gebruikt worden binnen de nationale autofiscaliteit. Uit de eerste steekproeven blijkt dat de NEDC 2.0 waarde gemiddeld 8 tot 11% hoger is dan de oude NEDC 1.0. Er is dus in elk geval sprake van een belastingverhoging.

Deze belastingverhoging komt bovenop de aangekondigde belastingverhoging ten laste van de werkgevers vanaf 2020 door toepassing van de nieuwe formule voor fiscale aftrekbaarheid en de hogere fiscale belasting van zogenoemde “fake” plug-in hybrides. De fiscale verhoging door de hogere NEDC 2.0 waarde hebben bij ongewijzigde fiscale formules onmiddellijke gevolgen bij de berekening van het voordeel van alle aard (zowel voor de werkgever als de werknemer),  de fiscale aftrekbaarheid en de CO2-bijdrage (zie onderstaand voorbeeld).

In Vlaanderen zijn de gevolgen nog belangrijker omdat ook de BIV en de verkeersbelasting er gekoppeld zijn aan de CO2-uitstoot. Dit is met name het geval voor bedrijfswagens die op naam van een vennootschap met maatschappelijke zetel in Vlaanderen worden ingeschreven. Voor bedrijfswagens ingeschreven op naam van een erkende autoleasingfirma is er dan voor de BIV en de verkeersbelasting geen fiscale verhoging als gevolg van de hogere WLTP waarden. De BIV en de verkeersbelasting voor dergelijke voertuigen zijn in dit laatste geval (voorlopig) nog gebaseerd op de fiscale PK en het vermogen in kilowatt (kW).

Voor lopende bestellingen van firmawagens is het niet altijd duidelijk of een voertuig reeds is getest onder de WLTP testcyclus of nog onder de oude NEDC 1.0 cyclus. Dit hangt af van de datum waarop het voertuig bij de constructeur werd gebouwd of geassembleerd. Het is wel te verwachten dat de meeste bedrijfsvoertuigen die in het najaar van 2018 worden geleverd reeds onder WLTP zullen getest zijn. Voertuigen nog gehomologeerd onder de oude en lagere NEDC 1.0 waarde mogen deze lagere waarde nu en in de toekomst nog verder gebruiken in de fiscale formules. Deze situatie creëert dus binnenkort bij ongewijzigd beleid een fiscale ongelijkheid tussen voertuigen die nog gehomologeerd zijn onder de oude NEDC 1.0 waarde en voertuigen (en dit kan hetzelfde model betreffen met gelijke motorisatie) gehomologeerd onder de nieuwe WLTP testcyclus en die vaak door bepaalde aanpassingen milieuvriendelijker zijn.

Het is nu afwachten of de federale en regionale ministers van financiën nog vóór de zomervakantie een akkoord kunnen bereiken over de aanpassing van bepaalde fiscale formules teneinde een dreigende verhoging te vermijden.  Die laatste termijn is wel nodig gezien de verplichte WLTP waarden gelden vanaf 1 september 2018 voor alle nieuw ingeschreven voertuigen.

 

Voorbeeld

Fiscale cataloguswaarde voertuig 27.000,00 euro – diesel – euro 6

Voertuig ingeschreven op naam van een erkende autoleasingmaatschappij

 

                                       Fiiscale gevolgen van de diverse testcycli inzake CO2-uitstoot
Testcyclus

CO2-uitstoot

Uitstoot gemeten Fiscale aftrekbaarheid Voordeel alle aard per maand

werknemer (1)

CO2-bijdrage (1)

per maand

Tot 30/08/2018

NEDC 1.0 testwaarde

 

104 gr/km      90% 140,79 € 35,58 €
Vanaf 01/09/2018

NEDC 2.0 testwaarde

10% hoger (2)

114 gr/km      80% 160,07 € 45,11 €
Vanaf 2020 of later

WLTP testwaarde

25% hoger (2) en toepassing nieuwe

fiscale formule

2020 fiscale aftrekbaarheid

130 gr/km      55% (3) 190,93 € 60,36 €

 

(1) exclusief toekomstige indexaties

(2) de verhogingen van 10% en 25% zijn gebaseerd op gemiddelden van voorlopige testresultaten bij diverse middenklasse modellen

(3) dit fiscaal aftrekpercentage geldt ook bij de brandstof (tot en met 2019 is dit gelijk aan 75%)

Bron: Mobilitas





Ontmoet XPOfleet op 29 mei in de Van Nelle Fabriek in Rotterdam

10 04 2018

Het jaarlijkse ‘Fleetmanagement congres’ heet vanaf 2018 ‘fleet Mobility live’. Zoals vanouds geeft XPOfleet hierop acte de présence en lanceren we alweer een nieuwe versie van de XPOfleet software.

Kom ons ontmoeten op stand C23.





XPOfleet fiscal tools is nu beschikbaar voor 2018

30 01 2018

XPOfleet fiscal tools is nu aangepast voor de wet en regelgeving 2018.

Gebruikt u de auto professioneel, privé of gecombineerd? Schrijft u ze in op eigen naam of die van de lease maatschappij in Vlaanderen, Wallonië of het Brussels Gewest? XPOfleet Fiscal tool berekent onmiddellijk de fiscale aftrekbaarheid, CO2 taks, BIV, Wegenbelasting, Voordeel van alle aard en verworpen uitgaven.

XPOfleet Fiscal Tools is de nieuwe app van XPOfleet die op eenvoudige wijze duidelijkheid brengt in alle Belgische Belastingen en inhoudingen die gekoppeld aan een auto. Beschikbaar in het Nederlands en Frans.

 

 





Wet plug-in hybride voertuigen goedgekeurd. | België

10 01 2018

In het Staatsblad van vrijdag 29 december 2017 verscheen de nieuwe fiscale regeling die de aftrekbaarheid regelt van voertuigen voor de periode vanaf 2018 tot 2020 en later. Deze regeling werd op vrijdag 22 december 2017 door het Belgisch federaal Parlement goedgekeurd (Kamer) Voor plug-in hybride voertuigen werden nog last minute aanpassing doorgevoerd.

In de diverse versies van de ontwerpteksten was voorheen te lezen dat de batterij over een energiecapaciteit heeft van minstens 0,6 kWh per 100 kg wagengewicht diende te beschikken. Dit had echter tot gevolg dat slechts een handvol modellen beantwoordden aan de nieuwe fiscale norm. Alle andere voertuigen zouden vanaf 2020 fors zwaarder belast worden. Daarom heeft de regering in laatste urgentie onder druk van de autosector de fiscale norm voor plug-in hybrides verder versoepeld.

Volgens de goedgekeurde tekst verschenen is het Staatsblad van 29 december volstaat het nu dat de batterij een capaciteit heeft van 0,5 kWh per 100 kg wagengewicht. Tegelijk werd de fiscale norm voor “fake” plug-hybrides verstrengd. Een voertuig met een officiële CO2-uitstoot van meer dan 50 gram per km wordt voortaan fiscaal altijd beschouwd als een ‘valse plug-in hybride’, dus ook met een voldoende grote batterij. Maar toch verhoogt door de nieuwe aanpassing  het aanbod aan ‘echte’ stekkerhybrides.

In de goedgekeurde wettekst blijft wel vermeld dat de minimale energiecapaciteit nog verhoogd kan worden tot 2,1 kWh  via een eenvoudig Koninklijk Besluit. Die mogelijkheid treedt weliswaar pas op 1 januari 2020 in werking maar het is dus geen garantie dat een plug-in hybride die bijv. in januari 2018 werd aangekocht in 2020 nog aan de fiscale norm zal voldoen indien deze door een toekomstige regering in 2020 wordt aangepast.

De wettekst definieert verder een ‘valse hybride’ als een “oplaadbaar hybridevoertuig dat uitgerust is met een elektrische batterij die een energiecapaciteit heeft van minder dan 0,5 kWh per 100 kilogram van het wagengewicht of een uitstoot heeft van meer dan 50 gram CO2 per kilometer’’ (nieuw lid 9 in art. 36 § 2 en art. 66 § 1 lid 3 WIB 92).

Bron: Mobilitas