Formule solidariteitsbijdrage 2020

16 11 2019

De nieuwe geïndexeerde formules voor de solidariteitsbijdrage, ook wel CO2-bijdrage genoemd, voor het jaar 2020 werden officieel bevestigd. De coëfficiënt 1 van 1,2950 die geldt voor 2019 verhoogt naar 1,3078 voor het jaar 2020, hetzij een stijging van net geen 1%. Voor  het gebruik van een bedrijfsvoertuig voor persoonlijke doeleinden wordt sinds 1 januari 2005 een maandelijks bedrag berekend voor elk voertuig dat de werkgever aan zijn werknemer ter beschikking stelt. Deze forfaitaire solidariteitsbijdrage is verschuldigd ongeacht of de werknemer zelf financieel tussenkomt en ongeacht de hoogte van die tussenkomst. Deze maandelijkse bijdrage (met een minimum van 27,24 euro voor het jaar 2020) is afhankelijk van de CO2-uitstoot en het type brandstof en wordt forfaitair vastgesteld.

WLTP verbruikstest

De CO2-uitstoot is de uitstoot in gram/km zoals vermeld op het gelijkvormigheidsattest of in het proces-verbaal van gelijkvormigheid van het voertuig of in de gegevensbank van de DIV. Voor voertuigen getest volgens de nieuwe WLTP-methode moet de CO2-uitstoot hernomen worden zoals vermeld in punt 49.1. van het gelijkvormigheidsattest (COC). Deze regeling geldt in elk geval tot einde 2020.

Fake plug-in hybrides

Voor de zogenoemde fake plug-in hybrides mag men vanaf 2020 nog steeds de lage CO2-uitstoot gebruiken zoals vermeld op het homologatieattest voor de berekening van de CO2-bijdrage. Dit in tegenstelling tot de fiscale aftrekbaarheid en de berekening van het voordeel van alle aard waar voor fake plug-in hybrides vanaf 2020.

Cash for cars

Op de mobiliteitsvergoeding (cash for cars) is de werkgever ook een solidariteitsbijdrage verschuldigd op basis van de ingeruilde bedrijfswagen. De bijdrage is gelijk aan het bedrag van de solidariteitsbijdrage die verschuldigd was in de loop van de maand die de toekenning van de mobiliteitsvergoeding voorafgaat en wordt berekend op basis het voertuig dat werd ingeruild. Dezelfde basisformule (met de CO2-uitstoot van het ingeruilde voertuig) moet dus worden toegepast voor de berekening. Om de bijdrage in 2020 te bepalen moeten men ook de formule 2020 toepassen.

 

 

Type aandrijving

 

   

Formule solidariteitsbijdrage 2020

 

Benzine

 

 

CO2

bekend

 

[((CO2-uitstoot x 9 euro)-768)/12] x 1,3078

 

 

CO2 niet

bekend

 

[((182 x 9 euro)- 768)/12] x 1,3078 = 94,81 euro

 

 

Diesel

 

CO2

bekend

 

[((CO2-uitstoot x 9 euro)-600)/12] x 1,3078

 

CO2 niet

bekend

 

[((165 x 9 euro)- 600)/12] x 1,3078 = 96,44 euro

 

CNG & LPG (2)    

[((CO2-uitstoot x 9 euro)-990)/12] x 1,3078

 

100 % elektrisch (3)    

27,24 euro per maand

 

(1) coëfficiënt gebaseerd op de indexen (149,19/114,08) ;

(2) een LPG voertuig is een omgebouwd voertuig die oorspronkelijk op benzine reed. Men gebruikt in de formule de CO2 waarde van het benzinevoertuig. Voor CNG voertuigen gebruikt men de CO2 waarde zoals deze voorzien zijn door de importeur (af fabriek). Voor de retrofit modellen gebruikt men de CO2 waarde van het benzine model.

(3) in afwachting van een eventuele wettelijke aanpassing aanvaardt de RSZ deze minimumbijdrage ook voor wagens die uitsluitend op waterstof rijden.

De minimumbijdrage per maand in 2020 bedraagt voor alle voertuigen 27,24 euro.

 

Bron en copyright: Mobilitas





XPOfleet team groeit exponentieel.

4 11 2019

Goed nieuws, enthousiasme, gedrevenheid, teamspirit bestaat dit nog? Ja hoor en het werkt aanstekelijk.

We zijn dan ook trots ons team te mogen versterken met 6 nieuwe collega’s (Florine office mgt, Süleyman testing, Alexander, Anthony, Stanley en Taner project advisors) die gaan meebouwen om XPOfleet als sterk groeiende internationale specialist in Fleetmanagement software nog verder te doen boosten.

We zijn een dynamisch bedrijf met een informele en inspirerende sfeer waar successen gevierd worden. Misschien ben jij wel de volgende nieuwe collega? Ik kijk alvast uit om met deze nieuwe toffe collega’s verder te bouwen aan “onze” toekomst, one team one goal !

XPOfleet team uitbreiding





XPOfleet Management Day 2019 – After Movie

23 10 2019

De XPOfleet Management Day 2019 ging ook dit jaar weer door in het Kinepolis complex van Antwerpen. Dank aan alle aanwezigen en onze partners.

Geniet nog eens na van deze mooie dag met deze after movie.

 





Prinsjesdag 2019: de plannen voor de auto van de zaak

23 09 2019

Op 17 september jl. presenteerde het Kabinet de beleidsvoornemens voor 2020. Hieronder een korte samenvatting. Op hoofdlijnen was er al veel vooraf bekend over de fiscale plannen, maar vandaag werden deze formeel door het Kabinet aan de Tweede Kamer aangeboden. Hieronder een korte samenvatting.

Bijtelling

De bijtelling voor volledig elektrische auto’s gaat omhoog voor auto’s met een Datum Eerste Toelating vanaf 1 januari 2020. De bijtelling gaat voor deze auto’s naar 8% van de catalogusprijs voor zover die niet meer is dan € 45.000. Is de catalogusprijs wel meer dan € 45.000, dan geldt over de eerste € 45.000 een bijtelling van 8% en daarboven 22%.

Per 2021 gaat de bijtelling naar 12% over de eerste € 40.000. In 2022, 2023 en 2024 wordt het percentage 16% en in 2025 17%. Daarna geldt het standaardtarief van 22% ook voor elektrische auto’s. Er blijft een overgangsregeling van kracht waarmee het bijtellingspercentage van de Datum Eerste Toelating steeds voor 60 maanden geldt. De bijtellingsregeling wordt tussentijds steeds geëvalueerd en kan dan bijgesteld worden voor nieuwe situaties.

BPM

Voor volledig elektrische auto’s blijft tot en met 2024 de BPM-vrijstelling bestaan. Vanaf 2025 geldt voor deze auto’s alleen de vaste voet van € 360. De BPM-tarieven voor andere auto’s worden per 1 juli 2020 bijgesteld op basis van de nieuwe WLTP-testmethode voor de CO2-uitstoot. Eerder was al geregeld dat voor taxi’s per 2020 de teruggaaf van BPM vervalt. De vrijstelling van motorrijtuigenbelasting (MRB) voor deze auto’s blijft wel bestaan. In de BPM wordt verder de toeslag voor auto’s met een compressieontsteking zo gewijzigd dat deze alleen blijft gelden voor dieselauto’s.

MRB

Voor EV’s blijft tot en met 2024 het MRB-nihiltarief bestaan. In 2025 wordt dat een kwarttarief. Voor plug-in hybrides blijft het huidige halftarief nog bestaan tot en met 2024. In 2025 wordt dat een driekwarttarief. Per 2026 gelden voor beide typen auto’s de normale tarieven. Ter financiering van de klimaatvoorstellen stijgt de dieselaccijns per 1 januari 2021 en per 1 januari 2023 met 1 eurocent. Ook wordt de MRB voor bestelauto’s van ondernemers verhoogd. Vanaf 2021 tot en met 2024 bedraagt de gemiddelde stijging 24 euro per bestelauto per jaar. In 2025 daalt de MRB op deze bestelauto’s vervolgens eenmalig met gemiddeld 24 euro per bestelauto per jaar.

Fiets van de zaak

Vanaf 2020 wordt voor een door de zaak ter beschikking gestelde fiets een gunstige bijtellingsregeling ingevoerd. De jaarlijkse bijtelling wordt 7% van de consumentenprijs. Deze regeling voorkomt administratieve lasten omdat dan niet langer het werkelijke privégebruik bijgehouden hoeft te worden.

Bron: https://www.aldautomotive.nl/over-ons/nieuws-en-persberichten/ArticleID/3575





Fiscale regels voor het overeenstemmend voertuig voor valse plug-in hybrides bekend.

23 09 2019

Vanaf 1 januari 2020 gelden nieuwe regels inzake aftrekbaarheid voor alle bestaande voertuigen van het wagenpark en specifieke regels voor de fiscale aftrekbaarheid van zogenoemde “valse” plug-in hybrides. Dit zijn volgens de fiscus voertuigen die deels werken op brandstof en deels via een oplaadbare elektrische batterij, maar waarvan de capaciteit van de elektrische batterij geen aanzienlijk gebruik van het voertuig toelaat via de elektrische  energiebron. Deze regel geldt voor alle plug-in hybrides aangekocht vanaf 1 januari 2018. Valse plug-in hybrides die vóór 1 januari 2018 zijn besteld (bestelformulier of ondertekening van het leasecontract als bewijs) vallen niet onder de regel van “valse plug-in hybrides”.

Fiscaal technisch gezien is een valse hybride een oplaadbaar hybride voertuig uitgerust is met een elektrische batterij die een energiecapaciteit heeft van minder dan 0,5 kWh per 100 kilogram van het wagengewicht (0,45 via afronding) of een uitstoot heeft van meer dan 50 gram CO2 per kilometer. In dat geval bepaalt de fiscus dat de in aanmerking te nemen CO2 uitstoot van de valse plug-in hybride vanaf 1 januari 2020 niet meer gelijk is met deze vermeld op het homologatieformulier maar wel de CO2 waarde van het “overeenstemmende voertuig” dat voorzien is van een motor die uitsluitend gebruik maakt van dezelfde brandstof. Indien er geen overeenstemmend voertuig bestaat dat uitsluitend voorzien is van een motor die gebruik maakt van dezelfde brandstof, wordt de CO2 waarde vermenigvuldigd met 2,5.

De wetgever heeft nu in het Staatsblad van 17 september 2019 bekendgemaakt wat precies moet verstaan worden onder “overeenstemmend voertuig”. Dit heeft zijn belang om vanaf 2020 de juiste fiscale aftrekbaarheid van het voertuig te kunnen berekenen en het juiste voordeel van alle aard die voor valse plug-in hybrides zal gebaseerd zijn op de CO2 waarde van het “overeenstemmende voertuig” en niet meer op basis van het homologatieattest (COC). Men zal dus in de praktijk de gegevens op het COC van de “valse hybride” moeten vergelijken met de gegevens op het COC van gelijkaardige, zogenoemde overeenstemmende modellen die op de markt beschikbaar zijn en bepalen welk model de “valse hybride” op basis van de hierna uiteengezette criteria het dichtst benadert.
Het moet gaan om een voertuig voorzien van een motor die uitsluitend gebruik maakt van dezelfde brandstof (COC, rubriek nr. 26). Vervolgens is ook vereist dat het overeenstemmend voertuig ten opzichte van het hybride voertuig categoriseert onder:
– hetzelfde merk (COC, rubriek nr. 0.1);
– dezelfde model (COC, rubriek nr. 0.2.1);
– hetzelfde type koetswerktype (COC, rubriek nr. 38) (bijvoorbeeld berline, break, …);
– en waarvan de verhouding tussen zijn vermogen en het vermogen van het hybride voertuig, beiden uitgedrukt in kW (COC, rubriek nr. 27.1), het dichtst de waarde één benadert, binnen een vork begrepen is tussen 0,75 en 1,25. De voertuigen waarvan de verhouding niet begrepen is binnen dit vork zullen dus niet als overeenstemmend voertuig kunnen beschouwd worden, ook al voldoen ze aan de overige voorwaarden. Indien geen enkel voertuig aan deze voorwaarden voldoet, wordt een coëfficiënt van 2,5 toegepast. De COC-gegevens van alle mogelijke overeenstemmende voertuigen zijn niet publiek en gecentraliseerd beschikbaar voor ondernemingen en bestuurders van bedrijfswagens. Deze zijn in de regel enkel in het bezit van het COC van hun eigen voertuig. Daarom wordt de verplichting om te vergelijken en het overeenstemmend voertuig vast te stellen opgelegd aan de autofabrikant of indien deze niet in België is gevestigd, aan de auto-invoerder. Deze laatsten zullen het overeenstemmend voertuig van ieder plug-in hybride voertuig dat niet beantwoordt aan de fiscale norm moeten bepalen en deze informatie samen met alle noodzakelijk gebleken technische gegevens aan de FOD Financiën moeten overmaken bij de marktintroductie van het betreffende “fake” hybride voertuig. Deze informatie is immers onmiddellijk noodzakelijk, bijvoorbeeld voor de inhouding van de bedrijfsvoorheffing op een voordeel van alle aard. De FOD Financiën zal dus iedere keer haar lijst met overeenstemmende voertuigen actualiseren bij de marktintroductie van nieuwe “valse plug-in hybrides”. De bepaling van het overeenstemmende voertuig gebeurt op het moment waarop het hybride voertuig op de markt wordt gebracht, en blijft ongewijzigd tijdens de levensduur van dat voertuig. Voor reeds bestaande valse plug-in voertuigen zal in de realiteit hetzelfde moeten gebeuren.

De lijst met de overeenstemmende voertuigen zal worden bekendgemaakt op de internetsite van de FOD Financiën. De administratie zal de informatie die ze van de fabrikanten of de invoerders heeft gekregen enkel gebruiken om een databank bij te houden. De fabrikanten en de invoerders zijn er eveneens toe gehouden om de informatie te bezorgen voor alle “valse hybrides” die reeds op de markt waren en/of zullen zijn op 31 december 2019. De FOD Financiën zal mogelijks ook samenwerken met FEBIAC voor het opstellen van de lijst van overeenstemmende voertuigen en het up-to-date houden ervan.

Besluit : met de bekendmaking van de regels rond het “overeenstemmend voertuig” is de laatste onbekende factor in het verhaal van de valse plug-in hybides verleden tijd. Boekhouders en sociale secretariaten zullen nu op basis van deze (toekomstige) lijst die de fiscus zelf publiceert, vanaf 1 januari 2020 het correcte voordeel van alle aard, inclusief de juiste bedrijfsvoorheffing en de juiste fiscale aftrekbaarheid kunnen toepassen. In de realiteit betreft het echter een beperkt aantal voertuigen die in de laatste drietal jaren op de markt zijn gekomen. Wie de technische gegevens analyseert van de nieuwe plug-in hybride modellen die vandaag op de markt worden gebracht zal merken dat deze bijna allemaal voldoen aan de fiscale norm en dus in de realiteit ook vanaf 2020 recht hebben op een fiscale aftrekbaarheid tussen 90% en 100%.

Bron: Mobilitas





17 september 2019 | XPOfleet Management Day 2019

30 04 2019

17 september 2019 vindt de 7de XPOfleet Management Day plaatsin de Kinepolis in Antwerpen. Noteer deze datum alvast in uw agenda. U ontvangt binnenkort een persoonlijke uitnodiging.

XPOfleet Management Day 2019





Mobiliteitsbudget door commissie financiën goedgekeurd

18 01 2019

De Kamercommissie Financiën heeft op woensdag 16 januari 2019 het mobiliteitsbudget goedgekeurd. Als in februari van dit jaar ook de Commissie Sociale zaken en de plenaire vergadering het licht op groen zetten kan het mobiliteitsbudget op 1 maart 2019 in werking treden. Hiermee komt mogelijks een einde aan de saga die reeds op 4 november 2013 begon en dus reeds meer dan 5 jaar aansleept. Op die dag organiseerde CD&V-Kamerleden Jef Van den Bergh en Griet Smaers samen met SD Worx een studiedag rond het mobiliteitsbudget als duurzame alternatief voor de bedrijfswagen. Kamerlid Jef Van den Bergh was uiteindelijk de hoofdindiener van dit wetsvoorstel. Bij de huidige regering in lopende zaken is er vandaag wel enig animo te bespeuren om het mobiliteitsbudget nog voor de verkiezingen van zondag 26 mei 2019 goed te keuren, desnoods ook met de steun van de NVA, zo is te horen.

Dankzij het mobiliteitsbudget kunnen werknemers het budget van hun huidige bedrijfswagen herinvesteren in 3 pijlers.  Ze hebben de keuze tussen een milieuvriendelijker model (pijler 1) en kunnen bijkomend kiezen tussen alternatieven zoals openbaar vervoer, fiets of zelfs dichter bij het werk gaan wonen (pijler 2). Zij kunnen ook een cash uitbetaling vragen (pijler 3) eventueel ook in combinatie met pijlers 1 en 2. Concreet kan een werknemer met een bedrijfswagen of wie daarvoor in aanmerking komt, jaarlijks een mobiliteitsbudget ter beschikking krijgen als de werkgever die heeft voorzien.

Dit budget stemt overeen met de totale (jaarlijkse) kost van de ingeruilde actuele bedrijfswagen. Het budget kan ook worden geherinvesteerd in alternatieve en duurzame vervoersmiddelen zoals een abonnement of ticket op het openbaar vervoer inclusief hogesnelheidstreinen, fiets, deelauto, werk- en waterbussen, taxiritten en korte termijnverhuur van een voertuig zonder chauffeur voor een maximumduur van 30 dagen. De herinvestering van het budget mag ook in huisvestingskosten als de werknemer dichter bij het werk gaat wonen in een straal van max. 5km van zijn werkplaats. Het saldo kan worden uitbetaald in cash. Daarop moeten er 38,07% sociale bijdragen worden betaald, maar geen belasting. Tegelijk worden ook enkele aanpassingen voorzien aan de regeling van cash for cars. De werkgever heeft geen enkele verplichting om het mobiliteitsbudget voor zijn werknemers in te voeren.

Mogelijke versoepeling CO2 grens

Tot voor enkele weken geleden was de grens om te herinvesteren in een milieuvriendelijk voertuig vastgelegd op 95 gram. Dit had wel tot gevolg dat de keuze uitermate beperkt was. Na heel wat kritiek van o.a. Febiac en Renta is nu te horen dat men zou bereid zijn voor de kalenderjaren 2019 en 2020 de CO2 -norm te versoepelen tot respectievelijk 105 gr en 100 gr per kilometer en dus pas vanaf 1 januari 2021 te verstrengen tot de initieel beoogde 95 gram per kilometer. Het is wachten of er op dat vlak nog amendementen worden ingediend alvorens de regeling door het parlement wordt goedgekeurd. Deze CO2 grens is niet van toepassing indien men investeert in een 100% elektrisch voertuig.

Bron: Mobilitas