Ontmoet XPOfleet op 29 mei in de Van Nelle Fabriek in Rotterdam

10 04 2018

Het jaarlijkse ‘Fleetmanagement congres’ heet vanaf 2018 ‘fleet Mobility live’. Zoals vanouds geeft XPOfleet hierop acte de présence en lanceren we alweer een nieuwe versie van de XPOfleet software.

Kom ons ontmoeten op stand C23.

Advertenties




Wet plug-in hybride voertuigen goedgekeurd. | België

10 01 2018

In het Staatsblad van vrijdag 29 december 2017 verscheen de nieuwe fiscale regeling die de aftrekbaarheid regelt van voertuigen voor de periode vanaf 2018 tot 2020 en later. Deze regeling werd op vrijdag 22 december 2017 door het Belgisch federaal Parlement goedgekeurd (Kamer) Voor plug-in hybride voertuigen werden nog last minute aanpassing doorgevoerd.

In de diverse versies van de ontwerpteksten was voorheen te lezen dat de batterij over een energiecapaciteit heeft van minstens 0,6 kWh per 100 kg wagengewicht diende te beschikken. Dit had echter tot gevolg dat slechts een handvol modellen beantwoordden aan de nieuwe fiscale norm. Alle andere voertuigen zouden vanaf 2020 fors zwaarder belast worden. Daarom heeft de regering in laatste urgentie onder druk van de autosector de fiscale norm voor plug-in hybrides verder versoepeld.

Volgens de goedgekeurde tekst verschenen is het Staatsblad van 29 december volstaat het nu dat de batterij een capaciteit heeft van 0,5 kWh per 100 kg wagengewicht. Tegelijk werd de fiscale norm voor “fake” plug-hybrides verstrengd. Een voertuig met een officiële CO2-uitstoot van meer dan 50 gram per km wordt voortaan fiscaal altijd beschouwd als een ‘valse plug-in hybride’, dus ook met een voldoende grote batterij. Maar toch verhoogt door de nieuwe aanpassing  het aanbod aan ‘echte’ stekkerhybrides.

In de goedgekeurde wettekst blijft wel vermeld dat de minimale energiecapaciteit nog verhoogd kan worden tot 2,1 kWh  via een eenvoudig Koninklijk Besluit. Die mogelijkheid treedt weliswaar pas op 1 januari 2020 in werking maar het is dus geen garantie dat een plug-in hybride die bijv. in januari 2018 werd aangekocht in 2020 nog aan de fiscale norm zal voldoen indien deze door een toekomstige regering in 2020 wordt aangepast.

De wettekst definieert verder een ‘valse hybride’ als een “oplaadbaar hybridevoertuig dat uitgerust is met een elektrische batterij die een energiecapaciteit heeft van minder dan 0,5 kWh per 100 kilogram van het wagengewicht of een uitstoot heeft van meer dan 50 gram CO2 per kilometer’’ (nieuw lid 9 in art. 36 § 2 en art. 66 § 1 lid 3 WIB 92).

Bron: Mobilitas





Minimum voordeel van alle aard bedrijfswagens stijgt tot €1.310 | België

2 01 2018

Eerder werd de referentie CO2 uitstoot 2018 voor diesel en benzine wagens al bekend gemaakt respectievelijk 86 gr/km en 105 gr/km.

Wanneer een werkgever een bedrijfswagen ter beschikking stelt aan haar werknemer waarmee ook privé verplaatsingen mogen worden gedaan kan het Voordeel van Alle Aard in 2018 nooit lager zijn dan 1.310 Euro. In 2017 was dit nog 1.280 Euro.





XPOfleet Fiscal Tools berekent alle Belgische belastingen, parameters en inhoudingen

16 11 2017

Gebruikt u de auto professioneel, privé of gecombineerd? Schrijft u ze in op eigen naam of die van de lease maatschappij in Vlaanderen, Wallonië of het Brussels Gewest?

XPOfleet Fiscal tool berekent onmiddellijk de fiscale aftrekbaarheid, CO2 taks, BIV, Wegenbelasting, Voordeel van alle aard en verworpen uitgaven.

XPOfleet Fiscal Tools is de nieuwe app van XPOfleet die op eenvoudige wijze duidelijkheid brengt in alle Belgische Belastingen en inhoudingen die gekoppeld aan iedere auto.

Gratis in Google Play en Apple Store.

 

 





Fiscale evolutie in het fietsenlandschap in België

20 06 2017

De hele wereld rondom de fiets is vandaag in sterke evolutie. Recent werd de wegcode gewijzigd voor speedpedelecs en sprak de fiscus zich uit over een reeks vragen in het kader van nieuwe fietstypes. Midden mei besliste de regering om de fiscale fietsvoordelen ook open te stellen voor speed-pedelecs. Tijd voor een overzicht.

Vandaag komt de fiets op de markt in diverse vormen. Er zijn stadfietsen, vouwfietsen koersfietsen, mountainbikes, elektrische fietsen, speedpedelecs, bakfietsen en bepaalde tussenvormen. Voor speedpedelecs geldt sinds vorig jaar een afzonderlijke wegcode. Bovendien kunnen al deze modellen ingezet worden als privé-fiets, voor woon-werkverkeer of als bedrijfsleasingfiets. De fiscale wetgeving begint ondertussen vorm te krijgen.

Voordeel van Alle Aard

Wanneer de werkgever een bedrijfs- of leasingfiets ter beschikking stelt aan de werknemer dan wordt er geen voordeel van alle aard aangerekend voor het privé-gebruik. Een werknemer moet wel kunnen bewijzen dat hij de fiets effectief gebruikt om ‘naar en van het werk’ te rijden. Dat hoeft niet een volledig jaar te zijn of elke dag van de week, maar het moet wel realistisch zijn dat de rit ‘op geregelde basis’ plaatsvindt.

De werkgever kan een belastingvrije fietsvergoeding uitbetalen van 0,23 euro per/km woon-werkverkeer. Als de bedrijfsfiets nooit voor woon-werkverkeer wordt gebruikt, wordt die wel als belastbaar voordeel beschouwd. Het voordeel wordt dan berekend op basis van de werkelijke waarde.

Let op ! Indien de werkgever een mountainbike of racefiets ter beschikking stelt wordt het voordeel belast als een loon. Dit recente standpunt van de minister van financiën wordt echter betwist en deze uitzondering is niet in de wetgeving terug te vinden. Woon-werkverkeer kan immers ook over bospaden en fietsostrades lopen. De vrijstelling van de fietsvergoeding van 0,23 euro per/km is volgens de minister dan weer wel van toepassing voor mountainbikes of racefietsen.

Aftrek fietskosten bij de werkgever

 Zuivere fietskosten

Aankoop of financiële leasing

Een werkgever mag de zuivere aankoopkosten of kosten van een financiële leasing (on-balance) van een bedrijfsfiets die hij aan werknemer ter beschikking stelt aftrekken tegen 120%. Dit geldt ook voor de onderhoudskosten. De bedrijfsfiets wordt lineair afgeschreven over een minimumperiode van ten minste drie jaar.

Operationele leasing

De fietskosten verbonden aan een operationele leasing (off balance) zijn slechts aftrekbaar tegen 100% omdat hier geen afschrijvingen mogelijk zijn.

Toebehoren en fietsinstallaties

Volgende kosten zijn voor 120% aftrekbaar

  • toebehoren (zoals een fietshelm). Onder fietstoebehoren verstaat men de gebruikelijke (met de fiets verbonden) voorwerpen die wenselijk of noodzakelijk zijn om de verplaatsingen tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling mogelijk te maken. Voorbeelden: fietspomp, bel, fietslicht, reflectoren, gereedschapskist voor kleine herstellingen, fietstas, accu, lader van een elektrische fiets, … Gewone, sportieve of beschermende kledij van de fietser vallen buiten deze categorie en komen dus niet in aanmerking voor de fiscale aftrek van 120% maar wel voor 100%.
  • de fietsenstalling zelf: kosten van aankoop, bouwen of verbouwen van een onroerend goed om een fietsenstalling te installeren.
  • kosten voor fietslaadpunten
  • de kleedruimte of sanitaire voorzieningen: kosten van aankoop, bouwen of verbouwen van een onroerend goed om een kleedruimte of sanitair (al dan niet met douches) te installeren.

Opgelet ! Huurkosten voor fietsinstallaties komen niet in aanmerking voor de verhoogde aftrek van 120%.

Elektrische fietsen

Alle voorheen genoemde fiscale voordelen zijn logischerwijze ook van toepassing voor elektrische fietsen inclusief de verhoogde aftrek van 120% De speedpedelecs vormden tot voor kort hierop een uitzondering maar op de ministerraad van donderdag 18 mei werd beslist om deze voortaan fiscaal gelijk te stellen met gewone fietsen. Dit betekent concreet dat vanaf dit jaar gebruikers van speedpedelecs bijv. ook kunnen genieten van een fietsvergoeding van 0,23 euro /km voor woon-werkverkeer. Het is de bedoeling dat de nieuwe regeling retroactief in werking treedt vanaf 1 januari 2017. Klassieke elektrische fietsen halen een maximum snelheid van 25 km/uur. Zogenoemde speedpedelecs halen tot 45 km/uur en sinds 1 oktober 2016 worden zij in de verkeerscode gelijkgesteld met bromfietsen (KB van 21 juli 2016). Door een wijziging vorig jaar in de Europese wegcode worden deze snelle fietsen ondergebracht in de categorie van bromfietsen. Daardoor konden gebruikers tot nog toe niet genieten van de fiscale fietsvoordelen. Met de nieuwe wetswijziging wordt de fietsvergoeding van 0,23 euro/km voor woon-werkverkeer uitgebreid naar gebruikers van alle types elektrische fietsen. Het huidige wetsontwerp moet bij de redactie van dit artikel wel nog in de Kamer finaal worden goedgekeurd. Voor leasingmaatschappijen die sterk inzetten op nieuwe mobiliteitsoplossingen is dit goed nieuws. Dit kan in de nabije toekomst het aanbod van elektrische leasingfietsen die worden aangeboden door de werkgever verbreden. Speedpedelecs zullen immers ook dezelfde fiscaal gunstige fiscale aftrekbaarheid volgen als de gewone fiets. In de praktijk worden speedpedelecs voornamelijk gebruikt voor langere afstanden. E-bikes met permanente elektrische motorondersteuning blijven uitgesloten van de fiscale fietsvoordelen.

Combinatie bedrijfsfiets met bedrijfswagen

De combinatie van een bedrijfswagen met een bedrijfsfiets is fiscaal perfect mogelijk en verhoogt niet het voordeel van alle aard van het totaal pakket. Wie kiest voor een kleinere bedrijfswagen en een bedrijfsfiets binnen hetzelfde budget zal mogelijks een lager voordeel van alle aard betalen. Verschillende leasingmaatschappijen bieden deze combinatie reeds aan binnen een prijsvork van 30,00 tot 150,00 euro per maand voor het fietsbudget.

Cafetariaplan en bedrijfsfiets

Via een cafetariaplan kan men op een voor de werkgever budget neutrale manier een bedrijfsfiets ter beschikking stellen in ruil voor een “salary sacrifice”. Sociale secretariaten voorzien hiervoor specifieke berekeningstools.

Bedrijfsfiets en BTW

De BTW-recuperatie dient beperkt te worden tot het gedeelte “echt beroepsgebruik”. Hieronder vallen dus enkel de professionele verplaatsingen naar klanten. Omdat het woonwerk-verkeer in dit verband beschouwd wordt als privé-gebruik zal men de realiteit slechts weinig BTW kunnen recupereren. Een standpunt die de minister eind 2013 nogmaals bevestigde.

 

Bron en Copyright: MOBILITAS





Verandering van de fiscaliteit op bedrijfsvoertuigen in Luxemburg vanaf 1/01/0217

17 01 2017

Sinds 1/01/2017 is de fiscaliteit voor bedrijfsvoertuigen in Luxemburg gewijzigd. Het gaat om twee nieuwe maatregelen: een koppeling van de voordelen alle aard aan de CO2-uitstoot van de wagen, en een nieuwe aftrekbaarheid voor elektrische voertuigen.

 

Voordelen alle aard

Alle voertuigen ingeschreven in 2017 vallen onder de nieuwe regel voor de berekening VAA. De VAA wordt berekend als een percentage op de waarde van het voertuig. Onder de nieuwe regelgeving varieert het percentage naargelang de CO2-uitstoot van de wagen:

 

Niet Diesel voertuigen Diesel voertuigen Elektrisch
0g/km 0.5 % 0.5 % 0.5 %
>0-50/km 0.8 % 1.0 %
>50-110g/km 1.0 % 1.2 %
>110-150g/km 1.3 % 1.5 %
>150g/km 1.7 % 1.8 %

 

Voor voertuigen ingeschreven vóór 2017 verandert er niets. Hiervoor geldt nog altijd een vast maandelijks bedrag van 1.5% op de waarde van het voertuig, ongeacht de CO2-uitstoot.

 

Extra aftrekbaarheid voor elektrische wagens

Vanaf 1/01/2017 genieten elektrische voertuigen in Luxemburg een fiscale aftrek van €5000.





Werkgevers betalen meer voor bedrijfswagens met tankkaart

11 01 2017

Werkgevers zullen in 2017 meer moeten betalen voor het ter beschikking stellen van een bedrijfswagen aan hun werknemer die ook een tankkaart omvat. De verhoging van het werkgeversgedeelte van het voordeel van alle aard stijgt in dit geval van 17% naar 40%.

Link met de tankkaart

De tankkaart wordt vandaag geacht begrepen te zijn in het voordeel van alle aard en leidt niet tot een hoger belastbaar voordeel. Indien de werkgever de brandstofkosten voor zijn rekening neemt, wordt volgens de nieuwe maatregel de huidige bijdrage van 17 % verhoogd naar 40%. De fiscus gebruikt niet specifiek het woord tankkaarten maar spreekt van brandstofkosten. Dit betekent dat indien een werknemer geen tankkaart ontvangt maar de kosten laat terugbetalen via onkostennota’s, de bijdrage van 40% ook zal gelden. De 40%-regel zal ook gelden indien de vennootschap slechts een deel van de brandstofkosten voor haar rekening neemt, dus vanaf de eerste eurocent. Werkgevers die in het kader van een salary sacrifice systeem, populair bij o.a. banken, aan hun werknemers een voertuig zonder brandstofkaart ter beschikking stellen, zullen niet getroffen worden en blijven onderworpen aan de 17%-regel.

Geen verrekening van de werknemersbijdragen

Bepaalde situaties worden dubbel getroffen door een tweede aanpassing van de huidige principes. Tot vandaag konden bij de berekening van de huidige 17% vennootschapsheffing de eigen bijdragen van de werknemer verrekend worden. Dit had tot gevolg dat in bepaalde gevallen het voordeel tot nul werd herleid en er dus geen vennootschapsheffing diende te worden betaald op het voordeel. In de nieuwe regeling is deze verrekening van de eigen bijdrage niet meer toegestaan. De 17% (of 40%) bijdrage moet voortaan berekend worden op het volledige voordeel van alle aard dus zonder rekening te houden met een eventuele bijdrage van de werknemer of bedrijfsleider. In deze specifieke gevallen zal de heffing voor de werkgever dus fors stijgen van 0% naar 40%. Dit betekent dat het systeem van eigen bijdrage dat vaak bij bepaalde firma’s wordt gebruikt om zo duurdere wagens te kunnen aanbieden fiscaal minder aantrekkelijk wordt.

Wie is onderworpen ?

De voornoemde nieuwe regeling is vanaf 1 januari 2017 zowel van toepassing op werkgevers die aan de vennootschapsbelasting onderworpen zijn als op werkgevers die aan de rechtspersonenbelasting onderworpen zijn. Pittig detail vormt het feit dat deze bijdrage niet kan verrekend worden met eventuele overdraagbare verliezen in de vennootschap en dus in elk geval zal moeten betaald worden.